Duitsers steken bijna heel dorp in de brand

Dikke rookwolken hangen op 2 oktober 1944 boven het dorp Putten, in Gelderland. Aan het begin van de avond hebben Duitse soldaten veel huizen in brand gestoken. Ze zijn boos op de inwoners van Putten en willen ze straffen.

In de buurt van het dorp is een paar dagen eerder een Duitse officier doorgeschoten. Waarschijnlijk door een verzetsgroep.

Verzet

In heel Nederland zijn mensen actief in het verzet. Verzetsgroepen houden zich in het geheim bezig met acties tegen de Duitse bezetter. Ze geven bijvoorbeeld stiekem berichten aan elkaar door over de bevrijding, helpen mensen bij onderduiken en proberen Duitse soldaten dwars te zitten.

De Duitse bezetters zijn woedend en willen weten wie heeft geschoten. Maar niemand meldt zich. De bezetters pakken daarom honderden mannen op in het dorp. Die worden afgevoerd naar een concentratiekamp in de buurt en opgesloten.

Mannen uit Putten worden opgepakt
Foto: Kamp Amersfoort

De vrouwen en kinderen in Putten zijn ook uit hun huis gehaald en urenlang opgesloten in de kerk van het dorp. Later werden ze weer vrijgelaten.

Een Duitse commandant is duidelijk: Putten wordt platgebrand. Rikkert, een jongen uit het dorp, ziet wat er allemaal gebeurt.

“Er zijn gezinnen waarvan de man of zoon is meegevoerd, en waarvan ook het huis weg is. Dat is vreselijk. ”

Rikkert

Veel kinderen horen dat hun vader is opgepakt. En ze zijn tegelijk dakloos geworden. Ze moeten weg, op zoek naar een dak boven hun hoofd. Een groot deel van de inwoners vertrekt naar familie of vrienden, buiten het dorp.

Inwoners van Putten trekken weg
Collectie Verzetsmuseum Amsterdam
Naar overzicht